De geschatte waarde van verzegelde Lego-sets steeg licht in de laatste volledige kalenderjaarvergelijking, maar bijna de helft steeg niet. Tussen december 2024 en december 2025 bedroeg de mediane verandering +1,2% bij 5.829 sets. Bij 45,1% bleef de geschatte waarde gelijk of daalde deze.
Ook op langere termijn stegen de waarden niet onafgebroken. In 2021 en 2023 was de jaarlijkse mediaan negatief. Een afzonderlijke groep van 815 sets met voldoende decembergegevens liet over tien jaar een mediane stijging van +80,2% in totaal zien. De mediaan van de per set berekende verandering op jaarbasis was +6,1%. Dit zijn veranderingen in geschatte waarden van verzegelde sets, geen behaalde beleggingsrendementen.
Peildatum: 6 september 2026, 00:00 UTC. Dit onderzoek gebruikt nominale schattingen in euro's en uitsluitend volledig verstreken kalendermaanden. De meest recente vergelijking over twaalf maanden eindigt in augustus 2026; het is geen resultaat voor het volledige kalenderjaar 2026.
Wat meten we bij de ontwikkeling van Lego-prijzen?
We vergelijken de geschatte waarde van dezelfde set in twee maanden en vatten de procentuele veranderingen samen voor alle deelnemende sets. Voor elk kalenderjaar loopt de vergelijking van de vorige decembermaand tot december van het genoemde jaar. De rij voor 2025 vergelijkt dus december 2024 met december 2025, niet januari met december of de eerste met de laatste handelsdag van het jaar.
De maandwaarde is de mediaan van de vastgelegde dagwaarden. Een set telt alleen mee als in beide vergelijkingsmaanden op minstens tien dagen een waarde is vastgelegd. Elke set weegt even zwaar, ongeacht prijs of populariteit. We beperken de steekproef niet tot sets die momenteel als uit productie genomen staan geregistreerd.
De mediaan is de middelste waarde van de veranderingen per set. Het is niet de verandering in de opgetelde waarde van een verzameling. Het 25e en 75e percentiel begrenzen de middelste helft van de onderzochte sets. Onder 'geen positieve verandering' vallen zowel dalingen als exact gelijk gebleven schattingen, bepaald vóór afronding.
Dit is geen representatieve index van de Lego-markt. Welke sets meetellen, verschilt per jaar door verschillen in de beschikbare historische gegevens. De jaarlijkse vergelijkingen en de afzonderlijke vergelijking met een vaste groep beantwoorden verschillende vragen. Je kunt ze niet samenvoegen tot één doorlopende waardecurve.
Jaarlijkse veranderingen: recent bescheiden stijgingen, tussendoor negatieve jaren
De hoogste mediaan in deze jaarsteekproeven was +23,5% in 2015, met 1.044 deelnemende sets. In 2020 bedroeg de mediaan +14,3%, gevolgd door −2,8% in 2021. Na +12,3% in 2022 werd de mediaan weer negatief: −2,5% in 2023. De twee meest recente volledige kalenderjaarvergelijkingen lieten kleinere stijgingen zien: +2,4% in 2024 en +1,2% in 2025.

| Jaar (dec. tot dec.) | Sets | 25e percentiel | Mediane verandering | 75e percentiel | Geen positieve verandering |
|---|---|---|---|---|---|
| 2012 | 374 | 0,0% | +19,7% | +75,7% | 25,9% |
| 2013 | 590 | −1,6% | +18,8% | +71,6% | 28,1% |
| 2014 | 823 | −14,3% | +5,1% | +33,3% | 43,4% |
| 2015 | 1.044 | +5,8% | +23,5% | +54,3% | 18,1% |
| 2016 | 1.304 | −5,0% | +7,3% | +27,0% | 36,6% |
| 2017 | 1.592 | −2,7% | +9,5% | +34,1% | 31,7% |
| 2018 | 1.902 | −7,4% | +4,3% | +21,6% | 41,4% |
| 2019 | 2.213 | −3,1% | +6,8% | +24,5% | 34,5% |
| 2020 | 2.428 | +0,2% | +14,3% | +34,7% | 24,6% |
| 2021 | 2.433 | −14,0% | −2,8% | +9,5% | 55,9% |
| 2022 | 4.372 | +3,2% | +12,3% | +24,9% | 15,9% |
| 2023 | 5.779 | −10,0% | −2,5% | +6,1% | 61,1% |
| 2024 | 5.394 | −4,4% | +2,4% | +12,4% | 39,7% |
| 2025 | 5.829 | −5,3% | +1,2% | +11,1% | 45,1% |
Een positieve mediaan betekent niet dat elke set meer waard werd. In 2025 liep de middelste helft uiteen van −5,3% tot +11,1% en had 45,1% geen positieve verandering. In 2023 bedroeg het aandeel zonder stijging 61,1%. Als je een bepaalde set bezit, zeggen die verschillen meer dan alleen het positieve of negatieve teken van de mediaan.
De steekproef groeit van 374 sets in 2012 naar 5.829 in 2025, met een duidelijke verandering in de gegevensdekking rond 2022. Dit zijn geen jaarlijkse metingen van hetzelfde mandje sets. De tabel beschrijft de waargenomen groepen, maar bewijst niet dat de hele Lego-markt even sterk vertraagde. Ook verklaart ze niet waarom waarden veranderden. Door deze medianen samengesteld door te rekenen, zou je verschillende groepen vermengen tot een verzonnen index.
Een kalenderjaar is ook iets anders dan de tijd sinds een set uit productie ging. Ons afzonderlijke onderzoek naar Lego-prijzen na EOL vergelijkt sets vanaf hun EOL-maand in plaats van over een gezamenlijk kalenderjaar.
De laatste volledige twaalf maanden: augustus 2025 tot augustus 2026
Voor een recenter beeld zonder een onvoltooid jaar als volledig te behandelen, vergelijken we ook augustus 2025 met augustus 2026. De mediane verandering bedroeg +1,7% bij 5.837 sets. De middelste helft liep uiteen van −4,2% tot +11,9%, terwijl 42,7% geen positieve verandering liet zien.
| Vergelijking | Sets | 25e percentiel | Mediane verandering | 75e percentiel | Geen positieve verandering |
|---|---|---|---|---|---|
| aug. 2025 → aug. 2026 | 5.837 | −4,2% | +1,7% | +11,9% | 42,7% |
Dit is een volledige periode van twaalf maanden tussen twee maandschattingen. Het is geen resultaat vanaf het begin van 2026 tot nu en hoort niet als extra kalenderjaarpunt in de grafiek van december tot december. Welke sets meetellen, wordt afzonderlijk bepaald door de dekking in de twee augustusmaanden.
Hoe veranderde de waarde van dezelfde 815 sets over tien jaar?
Een wisselende steekproef bemoeilijkt langetermijnvergelijkingen. Daarom selecteerden we sets met minstens tien vastgelegde dagen in elke decembermaand van 2015 tot en met 2025. Deze vaste groep van 815 sets is bij elk getoond meetmoment dezelfde. December 2015 is steeds het uitgangspunt.
In deze groep bedroeg de mediane verandering in de geschatte waarde +80,2% in totaal tot december 2025. De mediaan van de verandering op jaarbasis per set was +6,1%. Het eerste cijfer beslaat het hele decennium. Voor het tweede rekenen we de verandering tussen begin- en eindpunt per set om naar een equivalent samengesteld jaarpercentage en nemen daarvan de mediaan.

| Vergelijkingsmaand | Sets | 25e percentiel | Mediaan totaal | Mediaan op jaarbasis (CAGR) | 75e percentiel | Geen positieve verandering |
|---|---|---|---|---|---|---|
| dec. 2016 | 815 | −4,2% | +7,4% | +7,4% | +25,0% | 34,8% |
| dec. 2018 | 815 | +3,9% | +29,2% | +8,9% | +69,7% | 21,5% |
| dec. 2020 | 815 | +15,8% | +52,6% | +8,8% | +104,3% | 16,0% |
| dec. 2022 | 815 | +23,3% | +75,4% | +8,4% | +148,0% | 13,9% |
| dec. 2025 | 815 | +23,0% | +80,2% | +6,1% | +165,9% | 15,0% |
Na tien jaar liep de middelste helft van deze vaste groep uiteen van +23,0% tot +165,9%. Bij 15,0% was er geen positieve verandering. Zelfs binnen deze groep waarvoor historische gegevens beschikbaar zijn, verschilden de uitkomsten dus sterk.
Het jaarpercentage betekent niet dat de waarden in elk afzonderlijk jaar met 6,1% stegen. Het is evenmin een nettorendement uit de aankoop en verkoop van deze sets. We berekenen het voor elke set afzonderlijk uit de onafgeronde verhouding tussen de eind- en beginwaarde. We rekenen dus niet de afgeronde mediaan uit de tabel om naar een jaarpercentage.
Dezelfde sets gebruiken voorkomt dat de samenstelling binnen deze vergelijking verandert, maar selectiebias verdwijnt daarmee niet. Een set moet ook in latere jaren voldoende vastgelegde waarden hebben om mee te tellen. Sets met een goed gedocumenteerde geschiedenis kunnen verschillen van sets met weinig of ontbrekende gegevens. Dit is een historisch waarneembare groep, geen willekeurige verzameling die een belegger destijds zonder meer tegen de geschatte beginwaarden kon kopen.
Hoe gevoelig zijn de uitkomsten voor de gegevensdekking?
Minstens tien vastgelegde dagen is onze hoofdregel voor deelname. We herhaalden de analyse met twintig dagen in elke vergelijkingsmaand. Voor de strengere vaste groep moesten alle elf decembermaanden aan die eis voldoen. Deze controle heeft een belangrijke beperking: voor de jaarvergelijkingen van 2024 en 2025 voldoet geen enkele set, en bij twintig dagen blijft ook geen vaste groep over.
De vastgelegde gegevens laten zien waarom. In december 2024 heeft geen enkele set meer dan 18 vastgelegde dagen met geldige positieve waarden. Met deze maand is een eis van twintig dagen dus niet haalbaar. Dat raakt beide aangrenzende jaarvergelijkingen én de volledige vaste groep. De oorzaak van dit registratiepatroon hebben we niet vastgesteld; we hebben de ontbrekende dagen ook niet aangevuld.
| Vergelijking | Sets: 10 dagen | Mediaan: 10 dagen | Sets: 20 dagen | Mediaan: 20 dagen |
|---|---|---|---|---|
| 2020 | 2.428 | +14,3% | 2.324 | +14,4% |
| 2022 | 4.372 | +12,3% | 2.591 | +11,5% |
| 2025 | 5.829 | +1,2% | 0 | – |
| aug. 2025 → aug. 2026 | 5.837 | +1,7% | 5.569 | +1,7% |
'–' betekent dat er geen schatting kan worden berekend, niet dat de groei nul is. De uitkomsten voor 2025 en de lange termijn gelden onder de tiendagenregel; de strengere controle bevestigt ze niet. Datzelfde geldt voor 2024, al staat die rij niet nogmaals in deze compacte gevoeligheidstabel. De eerdere jaarvergelijkingen blijven bij twintig dagen wel berekenbaar, maar het aantal deelnemende sets kan sterk veranderen.
De meest recente vergelijking over twaalf maanden blijft met de strengere regel berekenbaar: 5.569 sets voldoen en de mediaan blijft +1,7%. Die overeenkomst geldt voor deze specifieke vergelijking. Ze bewijst niet dat de hele dataset vrij is van vertekening door gegevensdekking of schattingsmethoden.
Wat betekent dit voor de waardebepaling van jouw sets?
Het onderzoek geeft historische context, geen voorspelling van een verkoopprijs. Het verschil tussen de geschatte waarde van een verzegelde set en wat jij ontvangt, hangt af van de staat, waar en hoe je verkoopt en of er een koper beschikbaar is. Gebruikte of onvolledige sets vallen buiten de waardedefinitie van dit onderzoek.
Begin bij de afzonderlijke set in plaats van de jaarlijkse mediaan op je hele verzameling toe te passen. Met onze Lego-waardechecker vind je een geschikter vertrekpunt voor de actuele schatting van een bepaalde set. Bekijk de staat en de prijsgeschiedenis en houd vervolgens rekening met de kosten en onzekerheid van een echte verkoop.
Een gunstige aankoopkorting kan jouw uitkomst veranderen. Dat geldt ook voor verkoopkosten, belastingen, verzending, opslag, beschadiging en de tijd die je nodig hebt om een koper te vinden. Geen daarvan is in de bovenstaande percentages verwerkt. De waarden zijn bovendien uitgedrukt in nominale euro's, zonder inflatiecorrectie. Een waardestijging betekent niet automatisch een even grote toename in koopkracht of gerealiseerde winst.
De conclusie is daarom beperkter dan 'Lego wordt altijd meer waard': de recente schattingen in de steekproeven stegen bescheiden, veel sets stegen niet en de veranderingen op lange termijn lopen sterk uiteen. Deze historische resultaten beloven geen toekomstige winst en zijn geen aanbeveling om bepaalde sets te kopen.
Methode, bron en beperkingen
Bron en dekking. We gebruikten de vastgelegde geschatte waarden van verzegelde sets in euro's en catalogusidentiteiten van Brickfact. De gepubliceerde vergelijkingen met de tiendagenregel omvatten 7.667 verschillende sets, 1.455.936 vastgelegde setdagen en 55.389 setmaanden. Een setdag is één set op één vastgelegde dag; een setmaand is één set in één kalendermaand. Hergebruikte setmaanden tellen in deze totalen slechts eenmaal mee. Niet elke set is dus gedurende de hele onderzoeksperiode dagelijks gevolgd.
Filtering van de invoer. De 17 geselecteerde vergelijkingsmaanden bevatten 1.601.806 bronregels. We sluiten 4.089 regels zonder prijs uit, plus één verder geldige prijs zonder catalogusmatch. Niet-eindige prijzen en prijzen van nul of lager kwamen niet voor. De resterende 1.597.716 geldige invoerregels vormen samen 1.597.121 vastgelegde setdagen. De kleinere gebruikte dekking hierboven telt alleen sets en maanden in gepubliceerde vergelijkingen; daarvoor zijn 1.456.528 geldige invoerregels gebruikt.
Maandschattingen. Meerdere geldige waarden voor dezelfde set op dezelfde UTC-dag middelen we eerst rekenkundig. Zo krijgt een dubbel vastgelegde dag geen extra gewicht. Daarna nemen we per kalendermaand de mediaan van de dagwaarden. Voor deelname tellen afzonderlijke vastgelegde dagen, geen bronregels. We interpoleren niet, nemen geen eerdere waarden over en vullen ontbrekende maanden niet aan. Onvolledige maanden gebruiken we niet.
Veranderingen per set. Voor elke deelnemende set delen we de schatting in de eindmaand door de schatting in de beginmaand en trekken daar één van af. Over deze veranderingen per set berekenen we continue percentielen. Pas de uiteindelijke percentages ronden we af op één decimaal. Alle eindige positieve invoerwaarden en alle daaruit volgende stijgingen en dalingen blijven behouden. We verwijderen geen uitzonderlijk sterke of zwakke uitkomsten om de reeks gladder te maken.
Omrekening naar jaarbasis en selectie van de vaste groep. Per set verheffen we de onafgeronde waardeverhouding tot de macht (twaalf / aantal verstreken maanden). Van de uitkomst trekken we één af. De CAGR is de mediaan van die afzonderlijke jaarpercentages. Elke decembermaand van 2015 tot en met 2025 moet voldoen, ook de jaren die de tabel niet toont. De controle met twintig dagen bepaalt opnieuw welke sets voldoen, zonder de samenstelling van de tiendagenregel te behouden.
Wat een vastgelegde dag betekent. De bronreeks bevat operationele marktwaardeschattingen, geen geverifieerde verkopen. Aanleverende systemen kunnen de invoer vooraf bewerken, filteren of afvlakken. Hun methoden kunnen door de jaren heen veranderen. Een vastgelegde dag bewijst dus niet dat er een nieuwe, onafhankelijke prijswaarneming op een marktplaats is gedaan. Dat wij niet interpoleren, maakt eerdere bewerkingen in aanleverende systemen niet ongedaan.
Beperkingen. De huidige catalogus en historische dekking bepalen welke sets waarneembaar zijn. De jaarsteekproeven en vaste groep vertegenwoordigen niet alle Lego-sets. De vaste groep vereist latere gegevens, waardoor selectie- en overlevingsbias blijven bestaan. Twee maandwaarden tonen het verloop binnen het jaar niet. Het onderzoek verklaart geen oorzaken, meet geen gerealiseerde beleggingsrendementen, vergelijkt geen thema's en laat kosten, verkoopbaarheid en inflatie buiten beschouwing. We gebruikten geen gebruikersaccounts, portfolio's, persoonlijke transacties of authenticatiegegevens van Brickfact.
De peildatum is exclusief: waarnemingen moeten dateren van vóór 6 september 2026 om 00:00 UTC. De grafieken en tabellen zijn een vastgelegde onderzoeksstand, geen live bijgewerkte reeks. Historische gegevens kunnen later worden gecorrigeerd; zulke correcties vervangen de gepubliceerde uitkomsten niet stilzwijgend. Meer studies vind je bij ons onderzoek naar Lego.

